evalueren

to evaluate

Dutch Regular

The Dutch verb "evalueren" means "to evaluate" in English. It is a regular verb. Below you'll find the complete conjugation tables for "evalueren" across all 6 tenses.

How to Conjugate "evalueren" in the Present Tense

Onvoltooid tegenwoordige tijd Actions happening now or regularly
Person English Conjugation
ik I evalueer
jij/je you (informal) evalueert
hij/zij/het he/she/it evalueert
wij/we we evalueren
jullie you all evalueren
zij/ze they evalueren

How to Conjugate "evalueren" in the Simple Past Tense

Onvoltooid verleden tijd Completed actions in the past
Person English Conjugation
ik I evalueerde
jij/je you (informal) evalueerde
hij/zij/het he/she/it evalueerde
wij/we we evalueerden
jullie you all evalueerden
zij/ze they evalueerden

Want to actually remember these?

VerbPal drills "evalueren" in real Dutch sentences using spaced repetition.

Try VerbPal Free

How to Conjugate "evalueren" in the Present Perfect Tense

Voltooid tegenwoordige tijd Completed actions with present relevance
Person English Conjugation
ik I heb geëvalueerd
jij/je you (informal) hebt geëvalueerd
hij/zij/het he/she/it heeft geëvalueerd
wij/we we hebben geëvalueerd
jullie you all hebben geëvalueerd
zij/ze they hebben geëvalueerd

How to Conjugate "evalueren" in the Past Perfect Tense

Voltooid verleden tijd Actions completed before another past action
Person English Conjugation
ik I had geëvalueerd
jij/je you (informal) had geëvalueerd
hij/zij/het he/she/it had geëvalueerd
wij/we we hadden geëvalueerd
jullie you all hadden geëvalueerd
zij/ze they hadden geëvalueerd

How to Conjugate "evalueren" in the Future Tense

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd Actions that will happen
Person English Conjugation
ik I zal evalueren
jij/je you (informal) zult evalueren
hij/zij/het he/she/it zal evalueren
wij/we we zullen evalueren
jullie you all zullen evalueren
zij/ze they zullen evalueren

How to Conjugate "evalueren" in the Conditional Tense

Onvoltooid verleden toekomende tijd Hypothetical situations and polite requests
Person English Conjugation
ik I zou evalueren
jij/je you (informal) zou evalueren
hij/zij/het he/she/it zou evalueren
wij/we we zouden evalueren
jullie you all zouden evalueren
zij/ze they zouden evalueren

Frequently Asked Questions About "evalueren"

Is "evalueren" regular or irregular in Dutch?
"Evalueren" is a regular Dutch verb that follows standard conjugation patterns for its verb group.
What does "evalueren" mean in English?
The Dutch verb "evalueren" means "to evaluate" in English.
How do you conjugate "evalueren" in the present tense?
In the present tense (Onvoltooid tegenwoordige tijd): ik → evalueer, jij/je → evalueert, hij/zij/het → evalueert, wij/we → evalueren, jullie → evalueren, zij/ze → evalueren.
How many tenses does "evalueren" have in Dutch?
"Evalueren" is conjugated across 6 tenses in Dutch: Present, Simple Past, Present Perfect, Past Perfect, Future, Conditional.

Master Dutch verbs for real

Stop memorizing tables. Start speaking with confidence.

Try VerbPal Free

7-day free trial. Cancel anytime.