vergelijken

to compare

Dutch Irregular

The Dutch verb "vergelijken" means "to compare" in English. It is an irregular verb. Below you'll find the complete conjugation tables for "vergelijken" across all 6 tenses.

How to Conjugate "vergelijken" in the Present Tense

Onvoltooid tegenwoordige tijd Actions happening now or regularly
Person English Conjugation
ik I vergelijk
jij/je you (informal) vergelijkt
hij/zij/het he/she/it vergelijkt
wij/we we vergelijken
jullie you all vergelijken
zij/ze they vergelijken
Hij vergelijkt de auto's met elkaar.
He compares the cars with each other.

How to Conjugate "vergelijken" in the Simple Past Tense

Onvoltooid verleden tijd Completed actions in the past
Person English Conjugation
ik I vergeleek
jij/je you (informal) vergeleek
hij/zij/het he/she/it vergeleek
wij/we we vergeleken
jullie you all vergeleken
zij/ze they vergeleken
Zij vergeleek haar antwoorden met die van mij.
She compared her answers with mine.

Want to actually remember these?

VerbPal drills "vergelijken" in real Dutch sentences using spaced repetition.

Try VerbPal Free

How to Conjugate "vergelijken" in the Present Perfect Tense

Voltooid tegenwoordige tijd Completed actions with present relevance
Person English Conjugation
ik I heb vergeleken
jij/je you (informal) hebt vergeleken
hij/zij/het he/she/it heeft vergeleken
wij/we we hebben vergeleken
jullie you all hebben vergeleken
zij/ze they hebben vergeleken
Hij heeft de boeken vergeleken.
He has compared the books.

How to Conjugate "vergelijken" in the Past Perfect Tense

Voltooid verleden tijd Actions completed before another past action
Person English Conjugation
ik I had vergeleken
jij/je you (informal) had vergeleken
hij/zij/het he/she/it had vergeleken
wij/we we hadden vergeleken
jullie you all hadden vergeleken
zij/ze they hadden vergeleken
Hij had de resultaten vergeleken.
He had compared the results.

How to Conjugate "vergelijken" in the Future Tense

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd Actions that will happen
Person English Conjugation
ik I zal vergelijken
jij/je you (informal) zult vergelijken
hij/zij/het he/she/it zal vergelijken
wij/we we zullen vergelijken
jullie you all zullen vergelijken
zij/ze they zullen vergelijken
Zij zal de resultaten vergelijken.
She will compare the results.

How to Conjugate "vergelijken" in the Conditional Tense

Onvoltooid verleden toekomende tijd Hypothetical situations and polite requests
Person English Conjugation
ik I zou vergelijken
jij/je you (informal) zou vergelijken
hij/zij/het he/she/it zou vergelijken
wij/we we zouden vergelijken
jullie you all zouden vergelijken
zij/ze they zouden vergelijken
Zij zou de resultaten vergelijken.
She would compare the results.

Frequently Asked Questions About "vergelijken"

Is "vergelijken" regular or irregular in Dutch?
"Vergelijken" is an irregular Dutch verb, meaning its conjugation does not follow standard patterns and must be memorized individually.
What does "vergelijken" mean in English?
The Dutch verb "vergelijken" means "to compare" in English.
How do you conjugate "vergelijken" in the present tense?
In the present tense (Onvoltooid tegenwoordige tijd): ik → vergelijk, jij/je → vergelijkt, hij/zij/het → vergelijkt, wij/we → vergelijken, jullie → vergelijken, zij/ze → vergelijken.
How many tenses does "vergelijken" have in Dutch?
"Vergelijken" is conjugated across 6 tenses in Dutch: Present, Simple Past, Present Perfect, Past Perfect, Future, Conditional.

Master Dutch verbs for real

Stop memorizing tables. Start speaking with confidence.

Try VerbPal Free

7-day free trial. Cancel anytime.